Inhoud pensioenakkoord: vakbondsleden beslissen over oude dag van ons allemaal

Na jaren van moeizame gesprekken, ligt er nu een plan van het kabinet, werkgevers, werknemers en enkele oppositiepartijen om het pensioenstelsel te hervormen. Mee- en tegenvallers bij de pensioenfondsen gaan we sneller terugzien in onze portemonnee. Omdat pensioenfondsen daardoor minder buffers hoeven aan te houden, worden pensioenkortingen op de korte termijn minder nodig. Verder stijgt de AOW-leeftijd minder snel en komt een mogelijkheid om eerder met pensioen te gaan voor mensen met een zwaar beroep.

In de Sociaal Economische Raad is vandaag het pensioenakkoord officieel gepresenteerd, maar gisteravond werd het ledenparlement van vakbond FNV ingelicht. Daar kreeg het principeakkoord niet echt een warm onthaal, ook omdat er nog niets op papier stond.

Het ledenparlement besloot het akkoord in een referendum voor te leggen aan alle 1 miljoen FNV-leden. Daarmee wordt de toekomst van de pensioenen van alle Nederlanders, in handen gelegd van FNV-leden die straks actief hun stem willen uitbrengen in het referendum.

Meebewegen met de economie
De manier waarop pensioenfondsen nu premies innen en verdelen, is nog gebaseerd op de beginsituatie van het pensioenstelsel. Door de toenmalige bevolkingsopbouw met veel jongeren en weinig ouderen, was het goed te verdedigen dat jongeren relatief meer premie inleggen dan ouderen. Het idee achter deze doorsneepremie was, dat jongeren daarvan zelf ook weer zouden profiteren wanneer zij met pensioen gaan. Maar ouderen worden steeds ouder (en ontvangen per saldo over de jaren heen dus steeds meer pensioen), terwijl aan de onderkant steeds minder mensen de premies opbrengen.

Daarom wordt de doorsneepremie vervangen door een leeftijdsonafhankelijke premie waarmee deelnemers de pensioenopbouw krijgen die aansluit bij hun leeftijd. Dat vergt wel veel geld om de gevolgen voor specifieke groepen pensioendeelnemers te repareren. In het nieuwe stelsel gaan mee- en tegenvallers eerder doorwerken in de pensioenen. Daardoor hoeven pensioenfondsen minder grote buffers aan te houden en is er dus meer kapitaal beschikbaar voor pensioenuitkeringen. Dat kan op de korte termijn helpen voorkomen dat pensioenfondsen moeten korten.

Nieuwe pensioencontracten
Er komt een nieuw pensioencontract, een premieregeling waarbij deelnemers zowel in de pensioenopbouwfase als –uitkeringsfase risico’s delen. Werkgevers- en werknemersorganisaties krijgen in hun sector de mogelijkheid om te kiezen voor deze premieregeling.

Daarnaast stelt de SER voor om de bestaande verbeterde premieregeling met risicodeling in de uitkeringsfase toegankelijk te maken voor bedrijfstakpensioenfondsen. In deze regeling wordt in de opbouwfase gewerkt aan een persoonlijk pensioenvermogen dat in de jaren voor het pensioen geleidelijk wordt ingebracht in het collectief vermogen van gepensioneerden en aanspraak geeft op een uitkering.

Binnen alle contracten komt een mogelijkheid om op de pensioendatum maximaal 10 procent ineens te laten uitkeren. Verder moet het nabestaandenpensioen worden gestandaardiseerd, begrijpelijker worden, met minder risico’s voor betrokkenen. Nu zijn er nogal eens onduidelijke situaties bij baanwisseling en echtscheiding.

AOW-leeftijd minder snel omhoog
In het akkoord wordt de AOW-leeftijd voor de komende twee jaar bevroren op 66 jaar en vier maanden. Daarna stijgt de AOW-leeftijd in stappen naar 67 jaar in 2024. Daarna stijgt de AOW-leeftijd verder door, maar de opbouw verloopt langzamer: niet langer één jaar later voor ieder extra levensjaar, maar 8 maanden later voor ieder extra levensjaar.

Vroegpensioen voor zware beroepen
Mensen met een laag inkomen en een zwaar beroep krijgen de mogelijkheid om drie jaar eerder met pensioen te gaan. Want er komt een vrijstelling van de fiscale boete op vroegpensioen tot een bruto jaarinkomen van 19.000 euro. Voor werknemers die meer verdienen, moet de werkgever boven dit bedrag wel weer een boete betalen.

Zelfstandigen moeten zich verplicht verzekeren
Doordat de hervormingen meer relatie leggen tussen de ingelegde premie en de eigen pensioenopbouw, wordt het voor zzp’ers mogelijk om vrijwillig aan te sluiten bij een pensioenfonds.

Zzp'ers moeten wel verplicht een arbeidsongeschiktheidsverzekering afsluiten. Op die manier wordt voorkomen dat zij een beroep moeten doen op een sociale uitkering en wordt het uurtarief van zzp’ers hoger. Dit moet de voortdurende verschuiving richting flexwerk wat minder aantrekkelijk maken.

MIS NIKS: Abonneer je op de gratis Personeelsnet-nieuwsbrief

Doorsturen:

Neem een abonnement en download meer dan 300 actuele HR-instrumenten

Wilt u als HR-professional ook niks meer missen op uw vakgebied?