Personeelsnet

Iedereen een veilige en gezonde werkplek

De Arbowetgeving kent verplichtingen, maar ook mogelijkheden om arbozaken zelf op te pakken. Afspraken worden vastgelegd in een arbocatalogus, met normen en voorschriften over veilig en gezond werken.

Medewerkers die lekker in hun vel zitten, maken het verschil tussen een gemiddeld en een goed bedrijf. Iedereen heeft in Nederland recht op een gezonde en veilige werkplek. De werkgever en de werknemers zijn samen verantwoordelijk voor goede arbeidsomstandigheden. Dat vergt investeringen in tijd en geld. Maar de inzetbaarheid van medewerkers is beter en ze zullen zich minder snel ziek melden.
 
Arbowet

De Arbo-wet verplicht werkgevers om een arbeidsomstandighedenbeleid te voeren met als doel ziekteverzuim, arbeidsongeschiktheid en beroepsziekten te voorkomen. Goed Arbo-beleid betaalt zich terug. Nu werkgevers verplicht zijn om bij ziekte het salaris in het tweede jaar door te betalen, is het lonend om het ziekteverzuim voor te blijven. En dat scheelt weer in de werkdruk en de sfeer in het bedrijf.

In de wet staan bepalingen waaraan werkgevers aandacht moeten besteden:

  • Organisatie van het werk en de Arbo-zorg in de organisatie
  • De eisen waaraan de inrichting van werkplekken moet voldoen
  • De voorwaarden waaronder werknemers met gevaarlijke stoffen mogen werken
  • Regels voor de lichamelijke belasting van werknemers
  • Eisen voor omgevingsfactoren, zoals lucht en geluid
  • Voorschriften voor persoonlijke beschermingsmiddelen
  • De regels voor keuringen ingeval van risicofuncties

De wetgever heeft bepaald dat werkgevers aan een paar belangrijke doelgroepen apart aandacht moeten besteden. Zo mogen jongeren niet zonder toezicht met gevaarlijke apparaten werken. Jongeren, thuiswerkers, zwangere werkneemsters en werkneemsters die borstvoeding geven, mogen ook niet werken met gevaarlijke stoffen.


Arbowet vanaf 2007

Sinds 1 januari 2007 is de Arbowet herzien, na eerdere wijzigingen in juli 2005. De bedoeling van de herziening in 2007 is dat er minder algemene regels gaan gelden, terwijl werkgevers en werknemers per sector meer ruimte krijgen om samen afspraken te maken over het arbobeleid. De wet legt alleen een aantal doelvoorschriften vast. In de sector bepalen werkgevers en werknemers zelf hoe die doelen bereikt worden.

Vanaf 2007 geldt er per direct een aantal nieuwe regels. Daarnaast moeten werknemers- en werkgeversorganisaties binnen drie jaar per sector maatwerkafspraken maken over de arbeidsomstandigheden. Deze afspraken worden vastgelegd in een arbocatalogus, die voor de hele sector geldt. In de arbocatalogus komen normen en voorschriften te staan over veilig en gezond werken, zoals die nu ook al staan in de Arbowet, het arbobesluit en de arboregeling.

Wijziging Arbowet sinds 2017

In 2017 is de Arbowet ingrijpend gewijzigd. Het gaat dan vooral om nieuwe verplichtingen over de bedrijfsgezondheidszorg en de positie van de preventiemedewerker en bedrijfsarts. De wet heeft gevolgen voor Arbocontracten en RI&E’s, die u aan moet passen op de nieuwe regels.

De positie van de werknemer is sterker geworden, want deze krijgt (weer) onbeperkt toegang tot de bedrijfsarts en heeft recht op een second opinion. Onze modellen en checklisten, houden hier nu rekening mee.

Eén van de belangrijke wijzigingen is dat organisaties sinds 1 juli 2018 een Basiscontract arbozorg moeten afsluiten met hun Arbodienstverleners. Dit basiscontract legt een bodem onder de arbozorg voor het personeel.


Constant verbeteren

De bedoeling van de Arbo-wet is dat werkgevers een constante verbeteringscyclus introduceren. Een soort kwaliteitssysteem, voor de uitvoering van het Arbobeleid. Die cyclus ziet er als volgt uit:

  • Risico's inventariseren
  • Plan van aanpak maken
  • Uitvoeren van maatregelen
  • Regels voor de lichamelijke belasting van werknemers
  • Eisen voor omgevingsfactoren, zoals lucht en geluid
  • Voorschriften voor persoonlijke beschermingsmiddelen
  • De regels voor keuringen ingeval van risicofuncties

Om de risico's goed in kaart te brengen, is elke werkgever verplicht om een Risico-inventarisatie en Evaluatie (RI&E) op te stellen. Dat kan de werkgever zelf doen, of dat uitbesteden aan een gecertificeerde Arbo-dienst of Arbodeskundige. De Arbo-dienst, of de deskundige, moet voor grotere bedrijven achteraf toetsen of de RI&E goed is uitgevoerd en de uitkomsten goedkeuren.

Vanaf februari 2004 is voor bedrijven met 25 werknemers of minder een lichter regime ingevoerd, waarbij zij zelf aan de hand van een checklist de RI&E kunnen uitvoeren. Als de checklist goed is toegepast, is geen toets van de Arbodienst, of deskundige, meer nodig. De checklisten zijn (per sector) op internet te vinden bij www.rie.nl.

Vanaf juli 2005 moet bovendien iedere organisatie met medewerkers, beschikken over een preventiemedewerker. In bepaalde gevallen mag een werkgever deze taak zelf uitvoeren. In Tools & Extra's van Personeelsnet kunt u hier meer over lezen.
 
Arbo-dienst niet meer verplicht

Alle werkgevers waren tot 1 juli 2005 verplicht een Arbo-dienst in te schakelen. Vanaf die datum vervalt die verplichting en kunnen organisaties hun arbodienstverlening ook bij andere aanbieders inhuren, of eventueel geheel zelf ter hand nemen. De wetgever stelt daar wel bepaalde eisen aan: zo blijft de verplichting bestaan om een bedrijfsarts in te schakelen voor de beoordeling of een medewerker arbeidsongeschikt is. In Tools & Extra's van Personeelsnet staan de wijzigingen uitgebreid beschreven.

De werkgever kan een Arbo-dienst of een erkende arbodeskundige inschakelen voor het verbeteren van de arbeidsomstandigheden. Zij kunnen hulp bieden voor -onder meer- de volgende expertisegebieden:
1. Het laten beoordelen en goedkeuren van de risico-inventarisatie en -evaluatie
2. Ondersteuning bij het ziekteverzuimbeleid
3. Het uitvoeren van periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek
4. Het uitvoeren van aanstellingskeuringen voor risico-functies
5. Het spreekuur van de bedrijfsarts voor de werknemers (dit is nog verplicht)

Arbo-diensten bieden verschillende pakketten aan. Een minimaal pakket kost ongeveer 120 euro per medewerker. Meer uitgebreide pakketen omvatten bijvoorbeeld de inschakeling van een bedrijfsverpleegkundige, veiligheidskundigen, bedrijfsmaatschappelijk werk, arbeidskundigen en A&O-psychologen. De kosten lopen dan gauw op tot boven de 200 euro per medewerker.
De keuze voor een Arbo-dienst is niet gemakkelijk. Alle Arbo-diensten beloven een goede dienstverlening. Is de keuze eenmaal gemaakt, dan betekent dat in de meeste gevallen een relatie die voor enkele jaren wordt aangegaan.

Grotere bedrijven hebben soms een eigen Arbo-dienst. Deze moet net als de externe Arbo-diensten gecertificeerd zijn. Arbo-diensten krijgen een certificatie als zij voldoen aan een omvangrijk pakket met eisen voor wat betreft de deskundigheid.

Nu verdwijnen nog te veel flexwerkers aan het eind van hun contract ziek de vangnetregeling van de Ziektewet in. Dat kost werkgevers niets, maar door hen binnenkort wel aan te slaan voor zieke flexwerkers wil de wetgever misbruik van de Ziektewet tegengaan.

Premie betalen voor zieke flexwerkers

Sinds 1 januari 2013 is de Wet Beperking Ziekteverzuim en Arbeidsongeschiktheid Vangnetters (BeZaVa) ingevoerd, ook bekend als de Modernisering Ziektewet. De gevolgen van deze wet gaan werkgevers sinds 1 januari 2014 pas echt.

Want sinds 1 januari 2014 betalen werkgevers een nieuwe gedifferentieerde premie om daarmee bij te dragen aan ziektekosten van flexwerkers die in de Ziektewet of WIA komen. Dit heeft ook gevolgen voor het eigenrisicodragerschap voor de Ziektewet en de WGA. Daarnaast is sinds 1 januari 2014 de opbouw van de WW-premie veranderd. De delen voor de kinderopvang, ZW en WGA zijn vervallen.

Meer informatie
In het dossier Arbo van HR Tools & Extra's vindt u handige hulpmiddelen en checklists voor het opzetten van uw arbobeleid.

Neem een abonnement en download meer dan 300 actuele HR-instrumenten

Wilt u als HR-professional ook niks meer missen op uw vakgebied?