Werkgevers dragen vanaf de eerste ziektedag een belangrijk deel van de kosten van ziekteverzuim. Daarbij gaat het niet alleen om het loon, maar ook om vervanging, arbodienstverlening, re-integratie en administratie. Maar het blijkt nog niet zo eenvoudig om alle verzuimkosten goed in beeld te krijgen. Wel is duidelijk dat langdurig verzuim een groot financieel risico is voor werkgevers die zelf de kosten ervan moeten dragen.
Het Nederlandse verzuimstelsel is uitgebreid geregeld. Dat biedt werknemers bescherming, maar maakt het voor werkgevers niet altijd eenvoudig om het financiële plaatje te overzien. TNO heeft daarom onderzocht (PDF) hoe het verzuimtraject verloopt, welke kosten daarbij ontstaan en in hoeverre daar betrouwbare cijfers over beschikbaar zijn.
Lang niet alle werkgevers verzekerd voor verzuim
De voornaamste verzuimkosten liggen bij de werkgever. Vanaf de eerste ziektedag draait de werkgever op voor de loondoorbetaling, vervangingskosten, verzuimbegeleiding en administratieve kosten. Bij langer durend verzuim komen daar nog meer kosten bij, bijvoorbeeld voor extra arbodienstverlening, re-integratie en eventuele aanpassingen van het werk.
Werkgevers kunnen een deel van deze financiële risico's verzekeren. Volgens gegevens die TNO aanhaalt, heeft gemiddeld 60% van de werkgevers een verzuimverzekering. Bij bedrijven tot 50 werknemers ligt dat percentage met 76 tot 86% aanzienlijk hoger. Bij organisaties met meer dan 100 medewerkers is dat maar 23%. Dat aandeel is lager omdat zij de financiële risico's beter zelf kunnen dragen, of het productiviteitsverlies beter kunnen opvangen.
Kleinste werkgevers zonder HR maken meer kosten
Volgens TNO maken vooral kleinere werkgevers zonder eigen HR-medewerkers extra kosten. Ze raken verstrikt in procedures, omdat er veel regelingen en uitzonderingen bestaan en de informatie over verschillende onderwerpen verspreid is.
Opvallend daarbij is, dat juist de allerkleinste werkgevers minder vaak een verzuimverzekering hebben. Van organisaties met twee tot vijf medewerkers heeft maar 44% dekking voor verzuim. TNO merkt op dat de gevolgen van langdurig verzuim en loondoorbetaling juist voor deze werkgevers zeer groot kunnen zijn.
Loondoorbetaling is vaak hoger dan 70%
Bij langdurige ziekte is de werkgever maximaal twee jaar verantwoordelijk voor de loondoorbetaling. Wettelijk moet minimaal 70% van het loon worden doorbetaald, maar dat geeft niet altijd een goed beeld van de werkelijke kosten. TNO wijst erop dat in veel cao's afspraken staan die gunstiger zijn voor werknemers. Vooral in het eerste ziektejaar ligt de loondoorbetaling daardoor vaak richting of op 100%. In het tweede jaar neemt het percentage doorgaans af. De precieze kosten verschillen daardoor sterk per sector en cao.
Daar komt nog een financieel risico bij. Als een werkgever na twee jaar niet kan aantonen dat voldoende aan re-integratie is gedaan, kan UWV een loonsanctie opleggen. De werkgever moet dan maximaal een jaar langer loon doorbetalen. Goed verzuim- en re-integratiebeleid is daarmee niet alleen van belang om werknemers weer aan het werk te helpen, maar ook om financiële risico's voor de organisatie te beperken.
Eén bedrag voor ziekteverzuim vaststellen is lastig
Er circuleren regelmatig bedragen over wat een zieke werknemer per dag zou kosten. Het onderzoek van TNO laat zien waarom met zulke algemene bedragen voorzichtig moet worden omgegaan. Er zijn wel betrouwbare gegevens over onder andere verzuimduur, verzuimfrequentie en verzuimpercentages. Ook zijn er berekeningen van arbeidsongeschiktheidskosten en werkgerelateerde zorguitgaven.
Maar de totale kosten bestaan uit veel verschillende componenten. Naast loondoorbetaling kan een werkgever bijvoorbeeld te maken krijgen met:
|
Kostenpost verzuim |
Voorbeelden |
|
Loondoorbetaling |
Loon tijdens ziekte, eventueel aangevuld op grond van cao of arbeidsvoorwaarden |
|
Vervanging |
Tijdelijke vervanging of inzet van collega's |
|
Arbodienstverlening |
Bedrijfsarts, arbodienst en verzuimbegeleiding |
|
Re-integratie |
Begeleiding en activiteiten voor terugkeer naar werk |
|
Werkplekaanpassingen |
Aanpassingen of voorzieningen om werkhervatting mogelijk te maken |
|
Administratie en juridische kosten |
Verzuimregistratie, dossieropbouw en eventuele juridische ondersteuning |
|
Productiviteitsverlies |
Uitval van productie en mogelijk lagere productiviteit bij doorwerken tijdens ziekte |
Vooral de aanvullende werkgeverskosten, zoals vervanging, arbodienstverlening en werkplekaanpassingen, worden niet overal op dezelfde manier geregistreerd. Onderzoeken hanteren bovendien verschillende definities, databronnen en afbakeningen. Daardoor kunnen afzonderlijke bedragen niet zonder meer bij elkaar worden opgeteld.
Ook werkgerelateerd verzuim is moeilijk exact te bepalen
Een andere complicatie is de vraag welk deel van het ziekteverzuim daadwerkelijk door het werk wordt veroorzaakt. Dat wordt volgens TNO niet systematisch geregistreerd. Onderzoekers moeten daarom vaak werken met zelfrapportages of modelmatige schattingen. Daardoor kan wel een benadering worden gemaakt van de omvang van werkgerelateerd verzuim, maar blijft onzekerheid bestaan.
Dat geldt ook voor presenteïsme: dat is een term voor een situatie waarbij de werknemer eigenlijk ziek is, maar toch doorwerkt en daardoor minder productief is. Dat productiviteitsverlies kan voor werkgevers een reële kostenpost zijn, maar is veel moeilijker in geld uit te drukken dan bijvoorbeeld het doorbetaalde loon. TNO noemt het meten van dergelijke productiviteitskosten ‘methodologisch complex’.
TNO wil kosten per sector beter inzichtelijk maken
Een volledig integraal kostenmodel maken, is volgens TNO is misschien wel mogelijk, maar vereist aannames over werkgerelateerd verzuim en een harmonisatie van verschillende databronnen. Door verschillen in definities, populaties en meetperioden vindt TNO een sectordashboard op dit moment een haalbaardere en transparantere aanpak.
Voor HR is de belangrijkste conclusie daarmee dat verzuimkosten veel breder zijn dan alleen het salaris dat tijdens ziekte wordt doorbetaald. Tegelijk is het verstandig kritisch te kijken naar algemene rekensommen over wat een ziektedag zou kosten. De werkelijke rekening hangt onder meer af van het salaris, de cao, duur van het verzuim, vervanging, verzekering, arbodienstverlening en de mogelijkheden om het werk binnen de organisatie op te vangen.
Van verzuim naar inzetbaarheid
Goed verzuimbeleid kijkt niet alleen naar het terugdringen van het verzuimpercentage. Het gaat uiteindelijk om de vraag hoe medewerkers gezond en inzetbaar kunnen blijven. Daarvoor zijn preventie, arbeidsomstandigheden, leidinggeven, ontwikkeling en inzetbaarheid met elkaar verbonden.
Praktische hulpmiddelen
Binnen HR Tools & Extra's vind je onder andere:
Meer informatie
In het dossier Arbo van HR Tools & Extra's vind je handige hulpmiddelen en checklists voor het opzetten van uw arbobeleid.