Werkgevers worden niet wettelijk verplicht om een gedragscode op te stellen tegen ongewenst gedrag op de werkvloer. Eerdere kabinetten wilden daarmee nog de sociale veiligheid versterken. Maar dit kabinet wil minder regels voor werkgevers en vindt een gedragscode daarom niet nodig. Wél blijft de Arbowet werkgevers verplichten om de werkvloer veilig te houden voor iedereen, dus er kan beslist geen streep door het beleid om grensoverschrijdend gedrag tegen te gaan.
De aankondiging staat in een voortgangsbrief van Minister Thierry Aartsen van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over arbeidsomstandigheden aan de Tweede Kamer. Deze brief kreeg volop aandacht in de pers omdat de minister ook ‘kid-influencers’ wil verbieden, waardoor de intrekking van de verplichte gedragscode ondersneeuwde en veel minder aandacht kreeg.
Van Aartsen benadrukt dat ongewenst gedrag op de werkvloer nog altijd regelmatig voorkomt en grote gevolgen kan hebben voor zowel werknemers als werkgevers. Toch kiest het kabinet voor een andere aanpak dan een wettelijke verplichting.
Negatief advies over wetsvoorstel
Een verplichte gedragscode maakte onderdeel uit van het Nationaal Actieprogramma aanpak seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld. Bij de voorbereiding van wetgeving hiervoor, zou onvoldoende zijn aangetoond dat een gedragscode echt helpt tegen grensoverschrijdend gedrag.
Daarnaast bracht het Adviescollege Toetsing Regeldruk (ATR) een negatief advies uit over het wetsvoorstel. Volgens het ATR was de onderbouwing van de verplichting onvoldoende, terwijl die wel extra administratieve lasten voor werkgevers meebrengt. De minister stelt dat er wel aanwijzingen zijn dat gedragscodes kunnen bijdragen aan sociale veiligheid, maar dat dit volgens hem niet automatisch betekent dat een wettelijke verplichting noodzakelijk is.
Minder regeldruk voor werkgevers
Aartsen verwijst in zijn brief naar de ambitie van het kabinet en de Tweede Kamer om de regeldruk voor ondernemers terug te dringen. Alles afwegend kiest het kabinet er daarom voor om werkgevers niet wettelijk te verplichten een gedragscode ongewenst gedrag in te voeren.
Eerder werd ook al besloten om een verplichte klachtenregeling voorlopig niet wettelijk vast te leggen. Daarbij speelde eveneens mee dat vooral kleinere werkgevers hierdoor met extra administratieve lasten zouden worden geconfronteerd.
Inzet op sectoren en bewustwording
Hoewel een wettelijke verplichting van tafel gaat, wil het kabinet sociale veiligheid op de werkvloer wel blijven stimuleren. De minister kiest daarbij voor een sectorgerichte aanpak. Er wordt onderzocht hoe sociale veiligheid een plaats kan krijgen binnen de agenda voor duurzame inzetbaarheid, zodat hiervoor mogelijk subsidie beschikbaar komt.
Daarnaast verkent het ministerie de inzet van publiekscampagnes om werkgevers en werknemers bewust te maken van het belang van sociale veiligheid. Volgens de minister bieden sectorale initiatieven en voorlichtingscampagnes meer ruimte voor maatwerk dan landelijke wetgeving.
Geen nieuwe verplichtingen via ILO-verdrag
In dezelfde brief bevestigt Aartsen dat de ratificatie van het internationale ILO-verdrag C190 over geweld en intimidatie op het werk niet zal leiden tot aanvullende wettelijke verplichtingen voor werkgevers.
Daarmee geeft de minister uitvoering aan een eerder aangenomen Kamermotie waarin werd gevraagd het verdrag niet te gebruiken als aanleiding voor nieuwe verplichtingen voor ondernemers.
Wat betekent dit voor HR?
Hoewel een gedragscode niet verplicht wordt, blijft sociale veiligheid een belangrijk aandachtspunt voor werkgevers. De Arbeidsomstandighedenwet verplicht werkgevers al om beleid te voeren tegen psychosociale arbeidsbelasting (PSA), waaronder intimidatie, discriminatie, agressie, geweld en seksuele intimidatie. Voor HR-professionals betekent dit dat het verstandig blijft om aandacht te besteden aan:
Ook zonder wettelijke verplichting blijft het voor middelgrote tot grote organisaties wel verstandig om te beschikken over:
Juist nu een wettelijke verplichting uitblijft, zullen rechters, werknemers en de Arbeidsinspectie blijven kijken of een werkgever voldoende heeft gedaan om ongewenst gedrag te voorkomen.
|
Vraag |
Antwoord |
|
1- Wordt een gedragscode tegen ongewenst gedrag nu verplicht? |
Nee. Minister Aartsen ziet af van een wettelijke verplichting voor werkgevers om een gedragscode ongewenst gedrag op te stellen. |
|
2- Moet een werkgever dan helemaal niets regelen rond sociale veiligheid? |
Werkgevers blijven op grond van de Arbowet verantwoordelijk voor een veilige en gezonde werkomgeving. Daaronder valt ook het voorkomen van psychosociale arbeidsbelasting (PSA), zoals intimidatie, discriminatie, agressie, geweld en seksuele intimidatie. |
|
3- Is het verstandig om toch een gedragscode te hebben? |
Ja. Hoewel een gedragscode niet verplicht wordt, kan deze helpen om duidelijk te maken welk gedrag binnen de organisatie wel en niet acceptabel is en welke stappen medewerkers kunnen zetten bij meldingen. |
|
4- Komt er alsnog een verplichte klachtenregeling? |
Voorlopig niet. Het kabinet heeft eerder besloten een wettelijke verplichting voor een klachtenregeling niet door te zetten, onder meer vanwege de administratieve lasten voor werkgevers, vooral in het mkb. |
|
5- Verandert er iets door het ILO-verdrag C190 over geweld en intimidatie op het werk? |
Volgens minister Aartsen niet. De ratificatie van het verdrag leidt niet tot nieuwe wettelijke verplichtingen voor werkgevers. Het bestaande Nederlandse stelsel wordt daarvoor voldoende geacht. |