WW bij onwerkbaar weer: vangnet mét strikte spelregels

Een lange vorstperiode waardoor het werk niet kan doorgaan komt niet zo vaak meer voor, maar andere weerextremen maken het werken ook vaker onmogelijk. Werkgevers in sectoren als bouw, infra, groen, buitenschoonmaak en grondwerk, kunnen dan een WW-uitkering bij onwerkbaar aanvragen. UWV verstrekt een uitkering, maar dat gebeurt alleen als voldaan is aan strikte voorwaarden. Werkgevers betalen daarvoor geen aparte premie, maar moeten wel zorgvuldig de procedure volgen die daarvoor is opgesteld.

De Regeling onwerkbaar weer is een noodvoorziening die voorkomt dat werkgevers langdurig loon moeten doorbetalen bij extreem weer, terwijl hun personeel werkloos thuis zit.

Belangrijkste voorwaarde is wel dat in de cao moet staan hoe en wanneer de werkgever gebruik mag maken van de regeling. Vervolgens moet bij UWV continu zeer zorgvuldig worden gemeld op welke dagen niet gewerkt kan worden; daar is ook bewijslast voor nodig, soms ook op van regionale weerstations.

Geen extra premie, wel loondoorbetaling
Werkgevers betalen geen aparte of aanvullende premie voor onwerkbaar weer. De regeling wordt gefinancierd uit de reguliere WW-premie die werkgevers afdragen. De kosten voor de werkgever zitten vooral in:

  • het doorbetalen van het loon tijdens de wachtdagen;
  • de eventuele loonaanvulling op de WW-uitkering (vaak tot 100%, afhankelijk van de cao);
  • administratieve rompslomp bij het aanvragen van de uitkering bij UWV.

Er bestaat dus geen afzonderlijke verzekering of opslag voor deze regeling. Om misbruik te voorkomen, hanteert UWV een strikte procedure waarbij werkgevers bewijzen moeten toevoegen, zoals weerrapporten, foto’s, etc.

Door die drempel, worden werkgevers aangemoedigd geen uitkering aan te vragen, maar hun mensen eerst op andere plekken in te zetten als dat mogelijk is, zoals afbouw- of onderhoudswerkzaamheden binnen.

Wettelijke basis én cao doorslaggevend
De regeling onwerkbaar weer is verankerd in de Werkloosheidswet (WW) en nader uitgewerkt in de Regeling onwerkbaar weer, die geldt sinds 1 januari 2020. Werkgevers kunnen alleen gebruikmaken van de regeling als:

  • in de cao expliciet is vastgelegd wanneer sprake is van onwerkbaar weer;
  • de cao beschrijft welke weersomstandigheden gelden en hoeveel wachtdagen van toepassing zijn.

Zonder cao-bepaling is een aanvraag bij UWV dus niet mogelijk.

Wachtdagen: eerst zelf betalen
Voordat WW kan worden aangevraagd, gelden wachtdagen waarin de werkgever volledig loon moet doorbetalen. In veel gevallen gelden hiervoor de volgende perioden:

  • Vorst, ijzel, sneeuwval: 2 werkdagen per winterseizoen (1 november t/m 31 maart);
  • Overvloedige regenval: 19 werkdagen wachten per kalenderjaar;
  • Andere buitengewone natuurlijke omstandigheden (zoals hoog water of storm): 2 werkdagen per kalenderjaar.

Pas ná deze wachtdagen kan de werkgever een WW-uitkering aanvragen voor de niet-gewerkte uren.

Wanneer is sprake van onwerkbaar weer?
Van onwerkbaar weer is sprake als werkzaamheden door buitengewone natuurlijke omstandigheden niet veilig, verantwoord of kwalitatief goed kunnen worden uitgevoerd. In cao’s (zoals Bouw & Infra of Groen, Grond en Infrastructuur) zijn deze situaties verder uitgewerkt. Enkele voorbeelden:

  • Overvloedige regenval: minimaal 300 minuten regen tussen 07.00 en 19.00 uur in het postcodegebied waar het werk wordt uitgevoerd;
  • Vorst: afhankelijk van temperatuur- en gevoelstemperatuurnormen, gemeten door het KNMI-weerstation in het betreffende postcodegebied;
  • Hoog water of andere omstandigheden: bijvoorbeeld als het werkobject niet toegankelijk is of de opdrachtgever het werk stillegt om veiligheids- of kwaliteitsredenen.

Procedure: melden is cruciaal
De regeling is strikt procedureel. De werkgever moet:

  1. Elke dag waarop niet gewerkt kan worden een melding doen bij UWV, via het werkgeversportaal;
  2. Dit moet gebeuren op de dag zelf (bij vorst en vergelijkbare omstandigheden vóór 10.00 uur);
  3. Pas daarna een WW-aanvraag indienen, ondertekend door de werknemer.

Op gemelde dagen mag de werknemer geen (vervangende) werkzaamheden verrichten en niet op de werkplek aanwezig zijn. Bij fouten of onjuiste meldingen kan UWV de vrijstelling van loondoorbetaling laten vervallen, zelfs met terugwerkende kracht.

Hoogte van de uitkering
De WW-uitkering bij onwerkbaar weer bedraagt:

  • 75% van het loon;
  • 70% als de situatie langer dan twee maanden duurt.

Veel cao’s verplichten de werkgever om dit aan te vullen tot 100% van het loon. Voor werknemers verandert er praktisch weinig: het dienstverband blijft in stand, het loon loopt door en de regeling tast het recht op WW bij werkloosheid niet aan.

REGELING ONWERKBAAR WEER MET WACHTDAGEN

Doorsturen:

Neem een abonnement en download 484 exclusieve vakartikelen en 318 actuele HR-instrumenten!

Wilt u als HR-professional ook niks meer missen op uw vakgebied?