Dit zijn de wijzigingen voor HR in 2026

Waar moet je als HR-adviseur in het komende jaar écht op letten? Personeelsnet heeft alle recente wijzigingen verwerkt in dit complete en actueel bijgewerkte overzicht. Zo zie je in één oogopslag welke ontwikkelingen in 2026 een belangrijke rol gaan spelen in het HR-vakgebied. Zo kun je goed voorbereid het nieuwe jaar in.

Nadat de beleidsplannen voor 2026 zijn gepresenteerd door het demissionaire kabinet, zijn er verschillende ontwikkelingen geweest die tot aanpassingen hebben geleid. Daarom is dit overzicht met de belangrijkste wijzigingen voor HR aan het eind van het lopende jaar nogmaals up-to-date gebracht.

Een overzicht van de geactualiseeerde tools voor 2026 vindt u hier

Lonen en koopkracht

  • De eerste belastingschijf daalt van 35,82% naar 35,70% (tot € 38.883). De tweede schijf stijgt naar 37,56%. Boven € 79.137 blijft het belastingtarief 49,50%.

  • De arbeidskorting gaat omhoog met maximaal € 27 op het tweede en derde knikpunt.

  • Kinderopvangtoeslag: Vanaf begin 2026 hebben werkende ouders met een gezamenlijk toetsingsinkomen tot ongeveer € 56.000 recht op het maximale vergoedingspercentage van 96%. Ook ouders met hogere inkomens hebben recht op een hoger vergoedingspercentage dan in 2025.

Arbeidsmarkt & werkgelegenheid

  • De Werkloosheid is met 3,6–3,7% nog altijd laag, hoewel deze in oktober 2025 steeg naar 4,0%. Daardoor is er wel iets minder krapte op de arbeidsmarkt.

  • De wetsvoorstellen Vbar en Meer zekerheid flexwerkers moeten schijnzelfstandigheid terugdringen en zekerheid vergroten. De bedoeling is dat opdrachtgevers, uitvoerders en toezichthouders daarmee beter kunnen beoordelen beter wanneer loondienst passend is. En onder welke voorwaarden opdrachtgevers zelfstandige ondernemers kunnen inschakelen. Zzp'ers moeten zich verplicht gaan verzekeren voor arbeidsongeschiktheid.

  • De belastingdienst gaat vanaf 2026 weer volledig handhaven op schijnzelfstandigheid van zzp'ers en niet meer vooraf waarschuwen.

  • De invoering van gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden uit de Wet Meer zekerheid flexwerkers is uitgesteld tot 1 juli 2026. Maar vanaf 1 januari 2026 gaan uitzend-cao's al wel gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden bieden aan uitzendkrachten.

  • Werkgevers en uitzendbureaus mogen na 1 januari 2026 dus nog steeds maximaal een kwart van het minimumloon in rekening brengen voor huisvestingskosten. De wet die dat zou verhinderen, is door de demissionaire minister van SZW ingetrokken.

  • Het doel van de Banenafspraak (115.000 extra banen in 2024) is niet gehaald. Er zijn ‘slechts’ 89.616 banen bijgekomen voor mensen met een achterstand op de arbeidsmarkt. Daarom wordt de doelgroep verbreed met WW- en WIA-gerechtigden.

ACTUEEL: HANBOEK PERSONEEL 2026

Subsidies & regelingen werkgevers

  • Op 1 januari 2025 is het lage-inkomensvoordeel LIV afgeschaft. In 2025 vinden nog wel de laatste betalingen plaats over het LIV van 2024.

  • Het LKV oudere werknemer is in 2025 al verlaagd naar € 1,35 per uur (max € 2.600/jaar) en wordt afgeschaft per 1-1-2026.

  • Drie loonkostenvoordelen (LKV’s) blijven: arbeidsgehandicapte werknemer, herplaatsen arbeidsgehandicapte werknemer, doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden.

  • De LKV banenafspraak is vanaf 2026 structureel geldig zolang het dienstverband loopt. Er is geen doelgroepverklaring meer nodig voor deze regeling.

  • Vanaf 1 januari 2026 kan voor een deel van de medewerkers met een Wajong-uitkering de uitkering stoppen. Dat gebeurt wanneer iemand vijf jaar aaneengesloten werkt, meer dan 75% verdient van het maatmanloon en zonder UWV-voorzieningen kan werken.

  • Er is voor de regeling Maatwerk duurzame inzetbaarheid en Eerder uittreden (MDIEU) € 1 miljard euro gereserveerd tot 2028.

  • Voor de SLIM-regeling (Subsidieregeling Leren en ontwikkelen in het MKB) is in 2026 € 71,9 mln beschikbaar (structureel ca. € 41 mln). Tijdelijke SLIM-subsidie voor cruciale sectoren: € 73,8 mln (2025–2027).

ETK-regeling wordt versoberd
Minder vergoedingen voor werknemers uit het buitenland: Er mogen vanaf 2026 minder ‘extraterritoriale kosten’ onbelast worden vergoed. Door deze versobering van de ETK-regeling zijn de extra kosten van levensonderhoud die gemaakt worden in het land van herkomst (gas, water, licht en andere nutsvoorzieningen, extra gesprekskosten voor privédoeleinden) vanaf 2026 niet meer aangemerkt als onbelast te vergoeden of te verstrekken extraterritoriale kosten. Dit geldt alleen voor de inkomende werknemers, en dus niet voor uitgezonden werknemers.

In het belastingplan 2026 wordt uitgelegd dat deze maatregel een beperkte invloed op arbeidsmigratie heeft, omdat het hierdoor minder voordelig wordt om werknemers uit een ander land aan te nemen. Werknemers uit het buitenland ontvangen hierdoor ook een lager nettoloon.

WKR en Thuiswerkvergoeding

  • In 2026 blijft de vrije ruimte van de werkkostenregeling 2% over de eerste € 400.000 van de fiscale loonsom. Vanaf 2027 stijgt dit percentage naar 2,16%. Over het bedrag boven € 400.000 blijft 1,18% gelden.

  • Pas laat in december 2025 zullen we weten of de onbelaste thuiswerkvergoeding voor 2026 wijzigt. Dat bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd en zal waarschijnlijk uitkomen op € 2,45 euro, gezien de tabelcorrectiefactor in het Belastingplan.

  • Vanaf 2026 is de bijtelling voor deelfietsen altijd nihil, ook bij beperkt privégebruik (bijv. bij boodschappen doen onderweg).

UP TO DATE: HUISREGELS PERSONEEL 2026

Aftrek zelfstandigen omlaag, MKB-winstvrijstelling ongewijzigd
De zelfstandigenaftrek voor ondernemers wordt in 2026 verder verlaagd van € 2.470 in 2025 naar € 1.200. Deze afbouw loopt al enkele jaren. De mkb-winstvrijstelling blijft ongewijzigd op 12,7% en heeft doorgaans meer effect op de belastingdruk dan de zelfstandigenaftrek.

Ziekte, arbeidsongeschiktheid & UWV

  • Om de uitvoeringsorganisatie UWV te ontlasten, komt de 60-plusmaatregel terug tot 31-8-2027. Door deze vereenvoudigde WIA-claimbeoordeling toe te passen bij 60-plussers, kunnen tienduizend extra beoordelingen per jaar worden gedaan.

  • UWV verlengt per 1 januari 2026 tijdelijk de beslistermijn voor WIA-eindewachttijd- en herbeoordelingen van 8 naar 16 weken.

  • Het wordt structureel beleid dat eventuele WIA-voorschotten niet terugbetaald hoeven te worden, als later blijkt dat er toch geen (volledig) recht op was.

  • RIV-toets: per 1-1-2028 wordt het medisch advies van de bedrijfsarts leidend. Dit moet leiden tot meer zekerheid voor werkgevers en minder loonsancties.

  • Verder wordt het praktisch beoordelen van de mate van arbeidsongeschiktheid op basis van feitelijk loon vanaf 2027 structureel.

Ontslag en Werkloosheid (WW)

  • Compensatieregeling transitievergoeding (LAO): per 1 juli 2026 is er alleen nog compensatie voor kleine werkgevers.

  • Als kleine werkgever wordt aangemerkt de werkgever die in aanmerking komt voor de gedifferentieerde premie Arbeidsongeschiktheidsfonds (Aof). Dezelfde definitie gaat dan ook gelden voor compensatie bij pensionering/overlijden van de werkgever.

  • Het inkorten van de WW-duur van 24 naar 18 maanden, wordt uitgesteld tot 1-1-2028.

  • Het wordt eenvoudiger voor uitkeringsgerechtigden om de WW stop te zetten op eigen verzoek. Er vindt dan tijdelijk geen beoordeling meer plaats door UWV op de geldende voorwaarden voor het stopzetten van een WW-uitkering.

  • Er komt betere dienstverlening voor kwetsbare WW’ers om te re-integreren. Daarvoor komt structureel € 3 miljoen per jaar beschikbaar.

Kinderopvang

  • Het is nog steeds de bedoeling om in 2029 de kinderopvang (bijna) gratis te maken. Komend jaar wordt € 199 miljoen extra gereserveerd voor het ingroeipad naar de bijna gratis opvang (waarbij ouders zelf nog maar 4 % hoeven te betalen).

  • De maximum uurprijzen van de kinderopvang in 2026 zijn: € 11,23 (dagopvang), € 9,98 (bso), € 8,49 (gastouder).

  • Per 1-7-2026 worden nieuwe eisen gesteld aan gastouderopvang en een gewijzigde EHBO-borging.

  • Er komt een besluit voor 1 juli 2026 over voortzetting van de tijdelijke verruiming om beroepskrachten in opleiding in te mogen zetten tot 50% van de formatie per kindercentrum (in plaats van 33%).

HANDIG: HR-JAARKALENDER 2026

Pensioenen

  • Wet toekomst pensioenen (Wtp): in 2026 maakt de grootste groep deelnemers de transitie. Er is extra aandacht voor kleine werkgevers met verzekerde regelingen. Ook worden fiscale knelpunten bij het invaren (o.a. prepensioen, wezenpensioen) opgelost.

  • De uiterste termijn waarop de pensioenen over moeten gaan naar het nieuwe stelsel is 1 januari 2028.

  • Uitkeren bedrag ineens: er komen (opnieuw) technische aanpassingen. Dit wetsonderdeel treedt niet eerder in werking dan 1-7-2026.

  • RVU-drempelvrijstelling blijft bestaan vanaf 2026; + € 300 per maand. Heffing boven drempel: 57,7% (2026), 64% (2027), 65% (2028).

Fiets & auto van de zaak

  • Deelfietsen: vanaf 2026 is de bijtelling altijd nihil, ook bij beperkt privégebruik (bijv. bij boodschappen doen onderweg).

  • Fossiele auto’s: per 1-1-2027 moet een pseudo-eindheffing worden berekend van 12% over cataloguswaarde (≤25 jaar) of economische waarde (>25 jaar). Alleen emissievrije auto’s zijn hiervan uitgezonderd. Als een werkgever vóór 2027 een personenauto ter beschikking heeft gesteld, geldt een overgangstermijn tot 17 september 2030. Maar vanaf 1 juli 2030 geldt de pseudo-eindheffing voor alle fossiele personenauto’s die voor privédoeleinden (inclusief woon-werkverkeer) ter beschikking worden gesteld.

  • Het was aanvankelijk het plan dat voor nulemissieauto’s (vooral elektrische auto's) vanaf 2026 de volledige bijtelling zou gaan tellen, maar dat is door de Tweede Kamer gewijzigd. 
    De aangenomen regeling voorkomt dat elektrische auto’s ineens duurder worden in het gebruik. Vooral voor kleinere en middenklasse EV’s zou dat nadelig zijn, aangezien die in aanschaf nog altijd duurder zijn dan vergelijkbare benzineauto’s.

    De nieuwe regeling voorziet daarom in een geleidelijke afbouw van het voordeel:
    • 2026: 18% bijtelling over de eerste €30.000 van de catalogusprijs
    • 2027: 20% over de eerste €30.000
    • Vanaf 2028: 22% over de volledige waarde, zonder korting

      De regeling geldt voor volledig elektrische voertuigen, waterstofauto’s en EV’s met geïntegreerde zonnepanelen (onder strikte technische voorwaarden). Voor waterstof- en zonne-EV’s geldt bovendien géén maximumbedrag van €30.000.

Een overzicht van de geactualiseeerde tools voor 2026 vindt u hier

© Auteursrecht: Personeelsnet Media BV, Rotterdam

Doorsturen:

Neem een abonnement en download 486 exclusieve vakartikelen en 321 actuele HR-instrumenten!

Wilt u als HR-professional ook niks meer missen op uw vakgebied?