Vakbond CNV verzet zich tegen het voornemen van het kabinet-Jetten om de compensatieregeling voor transitievergoedingen bij ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid af te schaffen. Volgens de vakbond dreigen hierdoor tienduizenden langdurig zieke werknemers hun ontslagvergoeding mis te lopen of langer vast te blijven zitten in een zogenoemd slapend dienstverband.
Het kabinet maakte onlangs bekend dat werkgevers vanaf 1 januari 2027 geen compensatie meer kunnen krijgen voor de transitievergoeding die zij betalen aan werknemers die na twee jaar ziekte uit dienst gaan. De maatregel maakt deel uit van een bredere bezuiniging op de compensatieregelingen rond de transitievergoeding.
De vakbond wijst erop dat de transitievergoeding voor veel werknemers een belangrijke financiële buffer vormt na een langdurige ziekteperiode. Het geld kan bijvoorbeeld worden gebruikt voor omscholing, begeleiding naar ander werk of het opvangen van extra kosten die samenhangen met ziekte en arbeidsongeschiktheid.
CNV vreest nadelige gevolgen voor langdurig zieken
Volgens het CNV is de regeling destijds juist ingevoerd om te voorkomen dat werkgevers langdurig zieke werknemers in dienst hielden zonder hen daadwerkelijk werk te bieden. Werkgevers konden de betaalde transitievergoeding terugvragen bij de overheid, waardoor financiële drempels voor beëindiging van het dienstverband werden weggenomen.
CNV-voorzitter Hans Van den Heuvel noemt het afschaffen van de regeling een maatregel die vooral kwetsbare werknemers raakt. Volgens hem hebben werknemers die langdurig ziek zijn geworden wettelijk recht op een transitievergoeding en mag dat recht niet worden uitgehold door bezuinigingen.
Vrees voor terugkeer slapende dienstverbanden
Een belangrijk bezwaar van CNV is dat werkgevers zonder compensatie mogelijk minder snel zullen overgaan tot beëindiging van een dienstverband na twee jaar ziekte. Daardoor kunnen werknemers opnieuw terechtkomen in een slapend dienstverband: formeel nog in dienst, maar zonder werk en zonder duidelijkheid over hun toekomst.
Juist om deze situatie te voorkomen werd de compensatieregeling in 2020 ingevoerd. Volgens CNV dreigt de afschaffing ertoe te leiden dat discussies en juridische procedures over slapende dienstverbanden opnieuw zullen toenemen. De vakbond verwacht bovendien dat meer geschillen uiteindelijk bij de rechter terechtkomen, terwijl de rechtspraak volgens CNV al zwaar belast is.
Kabinet wil regeling volledig afschaffen
Het kabinet wil niet alleen de compensatieregeling bij langdurige arbeidsongeschiktheid schrappen, maar ook de compensatie voor werkgevers die een transitievergoeding betalen bij bedrijfsbeëindiging wegens pensionering of overlijden.
Volgens het kabinet draagt de maatregel bij aan houdbare overheidsfinanciën. De afschaffing sluit aan bij afspraken uit het coalitieakkoord. Tegelijkertijd werkt het kabinet aan een bredere hervorming van de transitievergoeding. Daarbij wordt onderzocht of werkgevers die aantoonbaar investeren in scholing, omscholing en re-integratie in de toekomst minder of mogelijk geen transitievergoeding hoeven te betalen.
Politieke behandeling volgt nog
De voorgestelde afschaffing is nog niet definitief. Het kabinet heeft hiervoor een wijziging van het bestaande wetsvoorstel naar de Tweede Kamer gestuurd. Zowel de Tweede als de Eerste Kamer moeten nog met de maatregel instemmen. CNV roept Kamerleden op om het voorstel niet te steunen en de huidige compensatieregeling in stand te houden.
Voor HR-professionals is vooral van belang dat de financiële afweging rond langdurig zieke werknemers mogelijk verandert. Als de compensatieregeling daadwerkelijk verdwijnt, komen transitievergoedingen na twee jaar ziekte weer volledig voor rekening van de werkgever. Tegelijkertijd kan opnieuw discussie ontstaan over de afhandeling van langdurige ziekte, re-integratie en beëindiging van dienstverbanden. Daardoor blijft dit dossier voorlopig een belangrijk aandachtspunt voor werkgevers en HR-afdelingen.