Werknemers zwijgen vaak over ongewenst gedrag op de werkvloer

Werknemers moeten een enorme drempel overstappen om grensoverschrijdend gedrag bespreekbaar te maken. En hoewel veel hoogopgeleide medewerkers zichzelf als assertief beschouwen, blijkt het in de praktijk ook voor hen lang niet altijd eenvoudig om collega’s aan te spreken op ongewenst gedrag.

Dat blijkt uit de eerste editie van de Nederlandse Werkcultuurmonitor, een landelijk onderzoek van Motivaction in opdracht van opleidingsdienstverlener Bureau Zuidema onder ruim 1.000 hoogopgeleide werknemers. 

Gesprek over seksuele intimidatie lukt nog wel
Iets meer dan de helft van de hoogopgeleide werkenden geeft aan dat het wel lukt om seksueel grensoverschrijdend gedrag aan te kaarten binnen de organisatie. Maar bij subtielere vormen van ongewenst gedrag, zoals ondermijning, machtsmisbruik of dominant gedrag, ligt dat aandeel fors lager. Minder dan de helft zegt zich daarover uit te spreken.

Volgens Lodewijk van Ommeren, CEO van Bureau Zuidema, laten de resultaten zien dat de spreekcultuur in organisaties kwetsbaarder is dan vaak wordt gedacht. Veel werknemers wìllen wel iets zeggen wanneer grenzen worden overschreden, maar houden hun mond uit angst voor de sociale gevolgen.

Twijfel bij dominant of ondermijnend gedrag
Zo zegt 31 procent moeite te hebben om dominant of agressief gedrag bespreekbaar te maken en vindt 34 procent het lastig om ondermijnend gedrag te benoemen. Ook machtsmisbruik blijkt moeilijk bespreekbaar: 45 procent durft dit niet goed aan te kaarten.

Daarnaast geeft 24 procent aan geen hulp te vragen omdat zij professioneel willen overkomen. Een even groot aandeel stelt geen grenzen uit angst de werkrelatie te schaden.

Vrouwen zijn vaker terughoudend
Opvallend is dat vrouwen significant vaker aangeven moeite te hebben om anderen op hun ongewenste gedrag aan te spreken. De kans op escalatie, het risico op beschadiging van relaties en onzekerheid over de reactie van collega’s spelen daarbij een belangrijke rol. In plaats van het gesprek aan te gaan, kiezen werknemers er daardoor regelmatig voor om het onderwerp maar helemaal te vermijden.

Volgens Van Ommeren ontstaat een onveilige werksituatie niet alleen door wat er gebeurt, maar ook doordat werknemers zich inhouden. Organisaties onderschatten volgens hem hoe vaak werknemers ervoor kiezen om te zwijgen.

Invloed binnen teams vaak hiërarchisch
Het onderzoek laat daarnaast zien dat besluitvorming binnen teams lang niet altijd zo rationeel verloopt als organisaties denken. Bijna de helft van de hoogopgeleide werknemers (48 procent) herkent dat degene die het meest aanwezig is in gesprekken of het hoogste woord voert, vaker invloed heeft dan degene met de beste inhoudelijke argumenten.

Dat staat volgens de onderzoekers op gespannen voet met het ideaalbeeld van rationele besluitvorming. In de praktijk blijkt invloed vaker samen te hangen met zichtbaarheid, spreekvaardigheid en hiërarchie dan met de kwaliteit van argumenten. Zo missen organisaties waardevolle input van mensen die minder voorop staan en kan de kwaliteit van de output omlaag gaan.

Leiderschap cruciaal voor veilige werkcultuur
De onderzoekers concluderen dat organisaties moeten investeren in een sterkere aanspreekcultuur. Dat vraagt volgens Van Ommeren niet alleen om trainingen in feedback en assertiviteit, maar vooral om leiderschap dat veilige gesprekken mogelijk maakt.

Openheid in organisaties werkt alleen wanneer medewerkers zich vrij voelen om hun mening te geven en wanneer leidinggevenden laten zien dat ook lastige gesprekken gevoerd mogen worden.

WEES DUIDELIJK: PAK GRENSOVERSCHRIJDEND GEDRAG AAN MET DIT PROTOCOL

Doorsturen:

Neem een abonnement en download 494 exclusieve vakartikelen en 330 actuele HR-instrumenten!

Wilt u als HR-professional ook niks meer missen op uw vakgebied?