AI verdringt jongeren niet massaal van de arbeidsmarkt, maar verandert wel zichtbaar de route naar werk. Tegelijkertijd lopen organisaties achter op hun eigen medewerkers in het gebruik van AI. Opmerkelijk is dat organisaties vooral inzetten op mensen met werkervaring, terwijl zij tegelijkertijd schrappen in functies voor starters en stagiairs.
Dat blijkt uit twee recente onderzoeken van Intelligence Group en Integron. AI verandert vooral de structuur van werk en instroom, niet direct het aantal banen. Tegelijk bewegen medewerkers sneller dan organisaties. Voor HR en werkgevers ligt de uitdaging in drie richtingen:
De arbeidsmarkt verandert dus niet abrupt door AI, maar wel fundamenteel. Organisaties die daar nu niet op inspelen, lopen het risico dat ze later te weinig talent hebben én achterblijven in productiviteit.
Minder starterskansen, maar geen massaal baanverlies
Volgens het rapport Jongeren, AI en de arbeidsmarkt van Intelligence Group is er geen overtuigend bewijs dat AI direct leidt tot hogere jeugdwerkloosheid. De jeugdwerkloosheid (15–25 jaar) lag in november 2025 op 9,1%, het hoogste niveau in meer dan vier jaar, maar die stijging hangt vooral samen met economische afkoeling en een normalisatie na de krappe arbeidsmarkt van 2021–2023.
Wat wél verandert, is de instroom in bepaalde functies. In kennisintensieve beroepen zoals juridische dienstverlening, administratie en marketing daalde het aantal startersvacatures met 30 tot ruim 40%. Tegelijk groeit de werkgelegenheid voor ervaren medewerkers in diezelfde sectoren.
Internationaal onderzoek van onder meer Stanford Digital Economy Lab en Harvard University laat een vergelijkbaar beeld zien: bij bedrijven die actief AI inzetten daalt de instroom van jonge werknemers (22–25 jaar) met 6 tot 20%, terwijl de werkgelegenheid voor werknemers van 30 jaar en ouder juist met 6 tot 13% groeit.
AI beïnvloedt gedrag van werkgevers
Opvallend is dat niet alleen de feitelijke inzet van AI, maar ook de verwachtingen erover het gedrag van werkgevers beïnvloeden. Organisaties schrijven minder juniorfuncties uit, beperken stageplekken en stellen werving uit, ook wanneer AI het werk nog niet volledig kan overnemen.
Volgens Intelligence Group spelen daarnaast klassieke factoren een grote rol, zoals economische onzekerheid, geopolitieke spanningen, stijgende arbeidskosten en cao-ontwikkelingen. AI wordt in dat krachtenveld regelmatig als verklaring gebruikt.
Risico voor talentontwikkeling
AI neemt vooral routinematige instaptaken over, zoals samenvatten, analyseren en het schrijven van eerste concepten. Dat zijn juist de taken waarmee starters normaal ervaring opdoen.
Het risico is daardoor niet zozeer dat banen verdwijnen, maar dat het leerpad voor jonge medewerkers onder druk komt te staan. Organisaties die minder investeren in instroom, ondermijnen volgens de onderzoekers op termijn hun eigen talentpijplijn, terwijl de arbeidsmarkt vergrijst en de vraag naar jong talent blijft bestaan.
Medewerkers lopen voor op organisaties
Tegelijkertijd laat onderzoek van Integron zien dat medewerkers AI al volop gebruiken. Inmiddels gebruikt 36% van de werkenden AI in het werk, tegenover 26% een jaar eerder. Slechts 34% van de medewerkers geeft echter aan dat hun organisatie actief bezig is met AI.
De gemiddelde AI-volwassenheid van Nederlandse organisaties komt uit op een 6,51. Daarmee zijn organisaties de experimenteerfase grotendeels voorbij, maar is AI nog niet structureel verankerd.
Medewerkers zetten AI vooral praktisch in, bijvoorbeeld voor het schrijven van teksten, samenvatten van informatie, data-analyse en het versnellen van repetitieve taken. Dat gebeurt vaak zonder duidelijke kaders of richting vanuit de organisatie.
Grootste achterstand zit in organisatie, niet in technologie
Volgens Integron ligt de uitdaging niet bij de technologie zelf, maar bij de organisatie eromheen. Vooral op het gebied van leiderschap, vaardigheden, governance en integratie in processen blijven organisaties achter.
Veel bedrijven experimenteren nog met losse toepassingen, terwijl structurele impact pas ontstaat wanneer AI breder wordt ingebed in werkprocessen en besluitvorming.
Werk wordt anders, niet minder menselijk
De angst dat AI werk onpersoonlijker maakt, lijkt beperkt. Bijna 60% van de medewerkers geeft aan dat technologie helpt om werk beter te doen zonder het menselijke aspect te verminderen. Daarnaast verwacht 64% dat menselijk contact juist belangrijker wordt.
AI verschuift het werk: routinetaken nemen af, terwijl ruimte ontstaat voor creativiteit, samenwerking en persoonlijk contact.