De pensioenen die het afgelopen jaar zijn overgegaan op het nieuwe stelsel, zijn dankzij die overstap gemiddeld met 14% verhoogd. Het gaat om een structurele verhoging die mogelijk is doordat in het nieuwe stelsel lagere buffers nodig zijn. Hierdoor kan een groter deel van iedere euro naar de pensioenuitkering. Kleine werkgevers moeten haast maken om op tijd klaar te zijn met hun nieuwe pensioenregeling.
Inmiddels is meer dan de helft van de Nederlanders met een pensioenregeling overgestapt op het nieuwe stelsel. Dat schrijft minister Mariëlle Paul van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in de voortgangsrapportage over de Wet toekomst pensioenen.
De verhogingen bij de overgang naar het nieuwe stelsel zijn structureel. Ook is er meer perspectief op verdere verhogingen in de komende jaren, alhoewel dat sterker dan voorheen afhangt van de economische ontwikkeling en de beurskoersen. In het nieuwe stelsel komt een groter deel van de ingelegde premie en het behaalde rendement beschikbaar voor de pensioenuitkering. Pensioenfondsen verwachten daarom dat de jaarlijkse kans op verhogingen groter is dan de kans op een verlaging.
Overgang naar nieuw stelsel op schema
Met het nieuwe stelsel krijgen Nederlanders een pensioen dat makkelijker stijgt, transparanter is en beter aansluit bij werknemers die niet meer veertig jaar bij één werkgever werken. De overgang ligt goed op schema. De helft van de pensioendeelnemers is al overgestapt en heeft hogere pensioenen.
Op dit moment zijn 30 pensioenfondsen/-kringen overgestapt op het nieuwe stelsel. In het komende half jaar volgen nog zes fondsen. Eind dit jaar maken nog eens 15 fondsen de overstap. In 2027 stappen 61 fondsen over, waarna de laatste 25 fondsen per 1 januari 2028 overgaan.
Einddatum ongewijzigd, kleine werkgevers lopen achter
De minister concludeert dat er op dit moment geen aanleiding is om de uiterste transitiedatum te verschuiven. Deze blijft staan op 1 januari 2028. Dit sluit ook aan bij het advies van de regeringscommissaris voor de transitie pensioenen.
Wel blijven er zorgen over pensioenregelingen van kleine werkgevers. Veel van deze regelingen moeten nog worden overgezet. De minister benadrukt dat het van groot belang is dat kleine werkgevers in actie komen. Het ministerie neemt samen met werkgeversorganisaties maatregelen om werkgevers te informeren en te ondersteunen.
Stijgende beheerkosten
De totale beheerkosten voor het administreren van 10,7 miljoen pensioenen stegen in 2024 met € 220 miljoen naar € 1,4 miljard. Dit is een stijging van 17,7%. Een deel van deze kosten is eenmalig en hangt samen met de voorbereidingen op de overgang naar het nieuwe stelsel. Ook wordt de transitie aangegrepen om te investeren in ICT-systemen. De verwachting is dat de kosten na afloop van de transitie weer dalen.