Vanaf 1 juli 2026 veranderen verschillende zaken die direct raken aan HR, personeelsbeleid en werkgeversverplichtingen. Het gaat onder meer om het minimumloon, verlof, arbeidsomstandigheden, uitzendkrachten, kinderopvang en de mobiliteitsrapportage. Voor HR-afdelingen is dit een goed moment om arbeidsvoorwaarden, communicatie en compliance opnieuw tegen het licht te houden.
Van het nieuwe minimumloon tot de aangepaste Arbowet en van vervallende vakantiedagen tot de deadline voor de CO₂-rapportage: per 1 juli 2026 verandert er opnieuw het nodige voor werkgevers en HR-afdelingen. Personeelsnet zette alle relevante wijzigingen op een rij. Hier zie je in één overzicht welke plannen zijn uitgesteld en wat je vóór 1 juli nog moet regelen.
Minimumuurloon stijgt naar € 14,99
Het wettelijk minimumuurloon stijgt per 1 juli 2026 van € 14,71 naar € 14,99. Deze halfjaarlijkse indexatie werkt door in salarisschalen, jeugdloonpercentages, uitkeringen op minimumniveau en sommige cao-afspraken.
Werkgevers moeten controleren of:
Wettelijke vakantiedagen uit 2025 vervallen
Zoals gewoonlijk, vervallen in principe ook de komende maand de niet-opgenomen wettelijke vakantiedagen van 2025 op 1 juli 2026. Werkgevers hebben hierbij een actieve informatieplicht: medewerkers moeten tijdig zijn gewaarschuwd dat hun dagen vervallen. Kan een werkgever dat achteraf niet aantonen, dan kunnen werknemers mogelijk alsnog aanspraak maken op de openstaande dagen.
Praktisch betekent dit dat HR vóór 1 juli nog een laatste controle moet doen op:
Meer medezeggenschap bij arbobeleid
Artikel 12 van de Arbowet wordt per 1 juli 2026 aangepast. Alle werkgevers moeten werknemersvertegenwoordigers actief raadplegen over het arbobeleid en de uitvoering daarvan. Als er gen OR of PVT is, moeten de betrokken werknemers zelf worden geraadpleegd.
Dit geldt onder meer voor:
Nieuw is ook dat werknemersvertegenwoordigers voorstellen mogen doen over het arbobeleid. Voor HR betekent dit dat overlegstructuren en documentatie rond arbo formeel belangrijker worden.
Uitzendbureaus moeten ongevallen melden
Vanaf 1 juli 2026 moeten uitzendbureaus arbeidsongevallen met uitzendkrachten melden aan de Arbeidsinspectie én aan het bedrijf waar de uitzendkracht werkt. De inlener meldt een ernstig ongeval ook aan de Arbeidsinspectie. Uitzendbureau en inlener zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor veilige arbeidsomstandigheden.
Voor organisaties die veel met uitzendkrachten werken is het verstandig om:
Kinderopvang: helft personeel mag in opleiding zijn
In de kinderopvang wordt een tijdelijke maatregel definitief: op kinderdagverblijven en BSO’s mag maximaal de helft van het personeel bestaan uit beroepskrachten in opleiding. Wel blijft een begeleidingsplan verplicht waarin staat hoe medewerkers in opleiding worden begeleid en welke taken zij zelfstandig mogen uitvoeren.
Daarnaast gaan per 1 juli 2026 nieuwe kwaliteitseisen gelden voor gastouders en gastouderbureaus.
Deadline CO₂-rapportage nadert
Werkgevers met 100 of meer werknemers moeten vóór 1 juli 2026 gegevens aanleveren over het zakelijke verkeer en woon-werkverkeer van werknemers in 2025. Dit valt onder de rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit (WPM).
Hoewel het kabinet onderzoekt of de grens later naar 250 werknemers gaat, geldt de huidige verplichting voorlopig nog gewoon.
HR, salarisadministratie en facility management moeten hiervoor samenwerken aan:
Flexwerk: grote wijzigingen pas waarschijnlijk in 2027
De Wet meer zekerheid flexwerkers bevat ingrijpende veranderingen, zoals:
De invoering stond eerder gepland voor 1 juli 2026, maar de Eerste Kamer moet nog instemmen. Daardoor wordt 1 januari 2027 nu als meest waarschijnlijke ingangsdatum gezien. Belangrijk detail: in de nieuwe cao voor uitzendkrachten geldt gelijkwaardige beloning al vanaf 1 januari 2026. Werkgevers en uitzendbureaus moeten zich daar nu al aan houden.
Compensatie transitievergoeding: wijziging uitgesteld
Het kabinet wil de compensatieregeling voor transitievergoedingen bij langdurige arbeidsongeschiktheid afschaffen, maar de beoogde ingangsdatum is verschoven van 1 juli 2026 naar 1 januari 2027. Voorlopig kunnen werkgevers dus nog gebruikmaken van de bestaande compensatieregeling.
|
Onderwerp |
Wat verandert er? |
|
Minimumloon |
Minimumuurloon stijgt naar € 14,99 |
|
Wettelijke vakantiedagen |
Dagen uit 2025 vervallen als ze niet zijn opgenomen |
|
Arbowet |
Werkgevers moeten werknemers(vertegenwoordigers) actiever raadplegen |
|
Uitzendkrachten |
Uitzendbureaus moeten ongevallen melden aan Arbeidsinspectie en inlener |
|
Kinderopvang |
Maximaal helft personeel mag uit beroepskrachten in opleiding bestaan |
|
Gastouderopvang |
Nieuwe kwaliteitseisen voor gastouders en gastouderbureaus |
|
CO₂-rapportage |
Deadline voor WPM-rapportage over 2025 is juli 2026 |
|
Flexwerkregels |
Waarschijnlijk uitgesteld naar 1 januari 2027 |
|
Compensatie transitievergoeding |
Afschaffing uitgesteld naar 1 januari 2027 |
|
Wat HR nu het beste kan doen |
|
|
1- Controleer salarissen en payroll op het nieuwe minimumloon. |
|
|
2- Waarschuw medewerkers tijdig voor vervallende vakantiedagen. |
|
|
3- Actualiseer arbo-overleg en medezeggenschapsprocedures. |
|
|
4- Stem ongevalsmeldingen met uitzendbureaus af. |
|
|
5- Rond de WPM-rapportage vóór 1 juli af. |
|
|
6- Bereid contractbeleid voor op de flexwetgeving van 2027. |